|
Haikus, we zullen ze niet
begrijpen, schreef Roland Barth al. Hoe dan ze zelf schrijven. En
weer vertalen!
In het Nederlands heb ik
zoveel mogelijk de drieregelige 5-7-5 lettergrepen vorm aangehouden, in
het engels ben ik daarvan vrijwel afgestapt en heb ik meer de
klank-eenheden gevolgd. Ook heb ik niet altijd de natuur een plaats
toegedicht.
De Japanse haiku dichter
Basho schreef een journaal van zijn reis naar het Noorden van Japan, dat
ook haikus bevat. Ze maken deel uit van het journaal. Hetzelfde geldt
voor mijn haiku-achige teksten, maar ik breng ze hier ook bijeen in een
eigen deel, haal ze zo een beetje uit hun contekst en maak ze daardoor
kwetsbaar. Het zij zo.
Ik zie de haiku hier meer als
een techniek van observeren en concentreren – zich losmakend van de
werkelijkheid. Net als zazen – het eindeloos zitten. En het werkte - op
reis. Een manier om door te dringen in het bestaan beseffend dat het
ondoordringbaar is. Een vorm van doeltreffendheid zoals bliksem. Het
aanvaarden ook van het vergeefse. En toch houden van de sporen die het
nalaat. Wanneer ik mijn ‘haikus’ herlees, is het als de terugkeer van
een herinnering, die zich al lezend weer uitwist.
|